Nooit geweten dat de schrik zo groot was toen ik niet met sporttas bij station Bloemendaal verscheen afgelopen zaterdag. “K.t zeg, Tackie doet niet mee”. meldt een van de reeds aanwezigen.
Nooit geweten dat zijn aanwezigheid zo belangrijk was in het veld. Enfin, 12 spelers en 2 supporters (Jan V + Cees T.) daar mocht Tholen zich op verheugen. Van deze 12 spelers waren er ook nog eens 3-4 dubieus of zij het einde ongeblesseerd wel zouden halen.
Een toernooi met het weerzien van oude bekenden zo werd het gebracht door de TOKO (Sjaak). Slechts vaag heb ik twee individuen herkent deze zaterdag maar dit terzijde. Zes wedstrijden moesten er gespeeld worden waarvan later bleek dat wij het enige elftal waren welke aan het begrip “veteraan” voldeed. Een ander elftal van Tholense Boys was de enige goede graadmeter aangezien hier een overtal aan oudere jongere rondliepen. Het eindresultaat was niet slecht te noemen tegen de al genoemde jonge veteranen (categorie A-junioren). Drie maal gelijk gespeeld en drie maal verloren waarvan 2 keer met 1-0 mag goed genoemd worden en geeft de burger moed.
Bij alle wedstrijden werd er gevaarlijk gecounterd en als het vizier van Faisel wat scherper had gestaan en Jan Wentink vlak voor tijd vergeet een bal richting Belgische grens te trappen had er meer op het scorebord gestaan. Alleen tegen de latere winnaar waren we kansloos en tegen de “gebakken uitjes” van Denya speelden we echt als pannekoeken.
Toch mag gezegd worden dat Vet. 2 goed speelde en een vervelende tegenstander was voor de andere toernooideelnemers. Een zesde plaats viel ons ten deel.
Enfin, de prijsuitreiking geschiedde door een redenaar welke niet te verstaan was en dat lag niet aan de installatie maar eerder aan een zekere fysieke staat en dat de ondertiteling het liet afweten.
De Fair Play Cup (ons eigenlijke doel), een vreemd uitziend voorwerp werd ook met veel bonbarie aangekondigd en was voor de Wilsoms uit Zutphen. “Hee u maakt een fout mijnheer de redenaar. BVC Bloemendaal rijdt 150 km heen om de sportiviteitsbeker op te halen hoor” probeert Sjaak nog even. “Niets mee te maken Zuthpen ligt verder qua afstand en de wedstrijdcommissie beslist en dat ben ik” is zijn verweer.
Goed, er was op het toernooi ook nog een knokpartij tussen een elftal in het geel, die ook tegen ons vervelend waren, en een tegenstander spelend in een oranje outfit. Tel daarbij op dat enige Vet.2 ers, gestoken in de oranje van Wonderen jackies de boel dan proberen te sussen en neem de fysieke toestand van de redenaar en je weet waarom we de felbegeerde trofee niet meekregen.
Maar ik denk persoonlijk dat de vliegende schaartackle van Jantje Trommelen op kniehoogte in de eerste wedstrijd en in de eerste minuut ons fataal geworden is. Vet. 2 een beetje teleurgesteld, maar met gewonnen barbequeset van Hans ging het richting Bergen op Zoom.
De kaartvoorlezende vriendin van Frank van Kleef liet het plotseling afweten, maar met behulp van een Belgische passant werd Hotel Old Dutch gevonden. Wouwse Snol vergelijking hier en daar, maar een bar hadden ze gelukkig wel. Sjaak had het allemaal prima geregeld en zeker het restaurant was een verassing. Zijn wij al snel verwend met vlammetjes en ander kantinevoer bij Bloemendaal, hier vlogen de kreeften ons om de oren.
Een beetje voetballer weet daar wel weg mee en na de Bergenopzoomse vertaling van al die culinaire franse strapatsen op ons bord ging het allemaal schoon op.
Sjaak steeg nog meer in onze achting toen bleek dat hij speciaal een jazzfestival in de stad had georganiseerd. Overal feesttenten en muziek in de cafe.
Robbie moest nog op zoek naar de Billy Haynesband van 2 jaar terug, maar die bleek opgeheven te zijn. Frankie viel in slaap tegen de boxen terwijl Jantje Wentink gewoon tegen hem doorkletste. Faisel en Hans verdwenen met vriendin richting hotel en de rest dwaalde wat rond.
Uiteindelijk zijn Rob en ondergetekende in een tent beland waar de Keesies te keer gingen. Een totaal dronken Catweazle met een verlopen kop, een geschiedenisleraar op klarinet, 2 vlinderstrikken samen op een drumstel en een schriel menneke waaromheen ze een sousafoon hadden gemonteerd. Daarbij een grote neger op trompet en een aanstekelijk plezier met elkaar.
Een stel gastmuzikanten en onvervalste NewOrleansjazz. Kortom half drie kwamen we weer in het hotel aan. Rob had zijn vaste snurker Chris ingedeeld gekregen maar die was er nog niet en Rob had de sleutel van de buitendeur van het hotel.
Om half zeven werd hij uit zijn bed geklopt door een verfrommelde Chris die nog mompelde dat hij in de auto had geslapen, samen met Fabian, en die twee zijn er toen als een speer vandoor gegaan??? De meest absurde samenzweringen, verhalen en fantasieën deden de ronde bij ons ontbijt. Vooral omdat bij de deur het telefoonnummer van de nachtportier hangt, die dan de deur voor je open doet.
Cees en Jan.
Bekijk de foto’s.
